De familiesite Beijen/Beyen
door Laurens Beijen
De voorpagina
Het inhoudsoverzicht
De volgende pagina
De vorige pagina
De voornamenlijst
De fotogalerij
Zoeken op deze website
Reacties of vragen

De tak Jan Thomas van de IJsselsteinse familie

De subtak Maarten

Maarten Beijen Jan Thomaszoon

Maarten Beijen (10.4), de tweede zoon van Jan Thomas Beijen, werd geboren in 1774. In 1799 trouwde hij in zijn geboorteplaats Benschop met de eveneens Benschopse Maggeltje Boele.
Maarten en Maggeltje gingen na hun huwelijk wonen in een van de boerderijen op de Zuidzijde in Bodegraven die eigendom waren van Maartens vader. Op de pagina Beijen-boerderijen in Bodegraven wordt die boerderij aangeduid met H. Bij de verdeling van de erfenis van Jan Thomas Beijen in 1828 werd die boerderij met de bijbehorende grond in Bodegraven, Zwammerdam en Lange Ruige Weide aan hem toebedeeld.
Maarten overleed in 1834 op 59-jarige leeftijd. Maggeltje overleed in 1858.

De kinderen van Maarten

Beijen of Bijen
De naam van leden van de subtak Maarten werd in de tweede helft van de negentiende eeuw in akten in Bodegraven vaak geschreven als Bijen. Dat gebeurde echter niet consequent. Zo schreef notaris Sperna Weiland in een akte van 25 november 1875 Bijen, terwijl hij er vijf dagen later Beijen van maakte. Na 1890 werd er steeds weer Beijen geschreven.
Maarten en Maggeltje hadden negen kinderen gekregen, van wie er acht volwassen werden. Vier van hen bleven ongetrouwd: Jannegje (11.5), Jan Thomas (11.7), Cornelis (11.9) en Willem (11.10). Zij bleven na het overlijden van hun ouders op de ouderlijke boerderij wonen.
De vier andere kinderen, Amilia (11.6), Cornelia (11.11), Gerrit (11.12) en Aagie (11.13), trouwden wel en verhuisden in de loop van de jaren naar elders.
Een van hen, Cornelia Beijen, overleed al op vrij jonge leeftijd, evenals haar man Jan van Briemen. Hun twee kinderen, Aaltje en Maarten van Briemen, werden opgevoed door hun grootmoeder Maggeltje Boele, hun tante Jannegje Beijen en hun ongetrouwde ooms Jan Thomas, Cornelis en Willem Beijen. Toen zijn ooms ouder werden, nam Maarten van Briemen de voorouderlijke boerderij over. Aaltje van Briemen en haar man Pieter Ruitenburg gingen boeren op een nieuwe boerderij (boerderij I van de pagina Beijen-boerderijen in Bodegraven) die in 1878 naast de oude boerderij was gebouwd. Toen in 1890 de nalatenschap van hun ooms en tante werd verdeeld, kregen Aaltje en Maarten van Briemen die boerderijen in eigendom.

Gerrit Beijen Maartenszoon

Gerrit Beijen (11.12) was de enige zoon van Maarten Beijen en Maggeltje Boele die nakomelingen in de Beijen-lijn kreeg. Alle huidige leden van de subtak Maarten stammen dus van hem af.
Gerrit werd geboren in 1816 en trouwde in 1842 met Dirkje Hoogendoorn, die ook in Bodegraven geboren was. Gerrit en Dirkje woonden aan de Zuidzijde in Bodegraven in een boerderij die Gerrit van zijn oom Pieter Beijen (10.12) huurde (boerderij A van de pagina Beijen-boerderijen in Bodegraven). Na het overlijden van Pieter en diens weduwe kocht Gerrit de boerderij.
Dirkje overleed in 1871, Gerrit in 1875. Ze hadden niet minder dan dertien kinderen gekregen, van wie er in 1875 nog acht in leven waren. Onder hen waren drie zoons.
De middelste zoon, Hendrik (12.21), tekende in 1876 als soldaat bij het Indische leger. Hij overleed in 1886 in Atjeh, waarschijnlijk als gevolg van verwondingen die hij had opgelopen in de Atjeh-oorlog.
De beide andere zoons, Maarten en Frederik, komen hierna ter sprake.

Maarten Beijen Gerritszoon en zijn nakomelingen

De oudste zoon van Gerrit, Maarten Beijen (12.18) werd geboren in 1842. Hij trouwde in 1873 met Adriana Kerkhoven, die ook uit Bodegraven kwam. Maarten zette het boerenbedrijf voort op de boerderij die van zijn vader was geweest, maar inmiddels verkocht was aan een belegger.
Maarten en Adriana kregen tien kinderen, van wie er drie op jonge leeftijd overleden.
Maarten bleef boer tot 1901. Daarna vertrok hij met zijn gezin naar Leiden, waar hij melkhandelaar werd. Nadat hij gestopt was met de melkzaak, gingen Maarten en Adriana eerst bij een dochter en schoonzoon in Leiden en later bij een dochter en schoonzoon in Aarlanderveen wonen. Maarten overleed daar in 1917 en Adriana in 1922.


De foto hierboven is waarschijnlijk in of kort na 1905 gemaakt. Behalve Maarten en Adriana zijn vijf van hun kinderen te zien: achteraan van links naar rechts: Margo (13.37), die getrouwd was met Rijk ten Brummeler, Dirkje (13.33), die ongetrouwd bleef, Maria (13.34), die getrouwd was met Willem van Dolder, en Gerrit (13.35), die getrouwd was met Cornelia Touw. Vooraan zit de jongste zoon, die net als zijn vader Maarten Beijen (13.42) heette.

De laatstgenoemde Maarten trouwde eerst met Jacoba Johanna van der Kamp en na haar overlijden met Jansje Drenth. Hij werd trambestuurder bij de HTM in Den Haag. Zijn jongste zoon, Jan Beijen (14.53), emigreerde rond 1960 naar Nieuw Zeeland. Hij was piloot en kwam in 1969 bij een ongeluk met een helikopter om het leven. Zijn nakomelingen wonen in Nieuw Zeeland.

Frederik Beijen en zijn nakomelingen

De jongste zoon van Gerrit, Frederik (12.24), die geboren was in 1851, was vanaf 1878 achtereenvolgens veehouder, winkelier en arbeider in Linschoten. In 1903 verhuisde hij naar Leiderdorp en in 1905 naar Zoeterwoude; hij was daar boerenarbeider en brugwachter. Hij overleed in 1931 in Zoeterwoude.


Hierboven staat een foto van Frederik Beijen en zijn vrouw Jannigje Brand met hun familie, waarschijnlijk gemaakt ter gelegenheid van hun veertigjarige huwelijk in 1916. Zelf zitten zij rechts van het midden. Achteraan staan van links naar rechts hun zoons Gerard (13.47), Cornelis (13.49) en Anthonij (13.45), hun dochter Neeltje (13.51), Mijntje Nap (een zuster van de hierna genoemde Trijntje Nap, zij hielp mee in het gezin), hun zoons Maarten (13.48) en Gerrit (13.43), hun dochter Jannigje (13.52) en Marinus Middelman (de man van Dirkje). De drie zittende jongere vrouwen op de middelste rij zijn van links naar rechts Maartje van Os (de vrouw van Gerard), Trijntje Nap (de vrouw van Anthonij) en hun dochter Dirkje (13.46). De kleinkinderen staan en zitten tussen hen in.

Anthonij en Gerard hadden nakomelingen met de naam Beijen. Anthonij (Toon) woonde in Harmelen, Woerden en Kamerik; Gerard in Zoeterwoude, Voorschoten, Sassenheim en Noordwijk.


   De volgende pagina

De voorpagina
Het inhoudsoverzicht

De bovenkant van de pagina
Zoeken op deze website

Reacties of vragen